Huilpoli’s: Nederland telt er twee. Speciale ziekenhuispoli’s waar ouders van huilbaby’s terecht kunnen. Een goede ontwikkeling zou je zeggen. Want het aantal huilbaby’s neemt toe en daarmee ook het aantal radeloze en oververmoeide ouders. Een adviespunt, waar kennis en kunde is gebundeld, altijd bereikbaar voor vragen en voor zorg. Dat klinkt goed, maar is het wat het lijkt te zijn? De meningen zijn verdeeld. Niet iedereen is ervan overtuigd dat een huilpoli een goede ontwikkeling is. En niet iedereen vindt dat een huilpoli goed doet. Hoe zit het nu: is de huilpoli een vloek of een zegen?
Meer van hetzelfde
In het Algemeen Dagblad was deze week te lezen dat tegenstanders opperen dat nog weer een specialistische poli nergens voor nodig is en eigenlijk berust op winstbejag bij de ziekenhuizen. Er is immers een vraag en ziekenhuizen kunnen declareren bij de verzekering. Dat is dan weer een extra inkomstenpotje. De taken van de huilpoli zouden prima door het Consultatiebureau verricht kunnen worden. Waarom iets nieuws starten als er al een bestaand adviespunt is? Daar is wat voor te zeggen. Maar tijden veranderen en organisaties soms niet. Een flink stuk van de zorg ligt namelijk al bij de Consultatiebureaus en als dit gedegen zou gebeuren, dan zou er ook geen markt zijn voor een huilpoli. Dat die markt er wel is, laat zien dat er wat mis is. In mijn ervaring zijn veel Consultatiebureaus ingericht op het volgen van de normale baby. Gesprekken zijn te kort, het advies te standaard, de kennis soms beperkt of achterhaald.
Een goed voorbeeld hiervan is het huilbeleid: de Richtlijn Excessief Huilen is dankzij de tegenstand nooit officieel ingevoerd. Desondanks wordt het wel toegepast: de Consulatiebureaus adviseren ouders van huilbaby’s hun baby gecontroleerd te laten huilen om zo in een ritme te komen. Een nieuw Concept Richtlijn is afgelopen zomer gemaakt, waarin het laten huilen is geschrapt. Desondanks houden Consulatiebureaus vast aan de richtlijn die nooit is. Als je je dan toch wilt laten leiden door niet ingevoerde richtlijnen, pak dan de meest recente.
Of aanvulling op de zorg?
Voorstanders (artsen en verpleegkundigen) zien in de huilpoli een aanvulling op de zorg voor huilbaby’s, een aanvulling op de zorg verleend door Consultatiebureaus. Zij zien ook dat het Consultatiebureau niet altijd ‘werkt’. Daar waar reguliere adviezen geen soelaas bieden, kan de huilpoli een oplossing zijn. Gezien de huidige zorg van de Consulatiebureaus, is hier zeker wat voor te zeggen. Als reguliere zorg geen zoden aan de dijk zet, dan naar de huilpoli. Naar een plek, een adviespunt, zodat ouders niet meer in verwarring worden gebracht en de baby daadwerkelijk en volgens actuele inzichten wordt geholpen. Dit zou naar mijn mening helemaal de ideale wereld zijn. Eerst een gedegen advies en begeleiding van een up-to-date en goed bereikbaar Consultatiebureau en vervolgens een doorverwijzing naar een huilpoli als meer hulp noodzakelijk is. Maar dan moet zo’n huilpoli ook daadwerkelijk aanvullend zijn. Is dat zo?
Oude wijn in nieuwe zakken
Afgaande op het artikel in de Volkrant van 14 januari jongstleden (helaas is de link verwijderd door de Volkskrant), is de huilpoli oude wijn in nieuwe zakken. Correctie: in minder nieuwe zakken. De huilpoli is namelijk niet zo nieuw. Dat wordt wel gesuggereerd in het artikel, maar de eerste proef met een huilpoli (Rijnstate ziekenhuis Arnhem) dateert al uit 2006. Dat er dus in 6 jaar tijd nu 2 huilpoli’s zijn in Nederland is nu niet wat je noemt een stormachtige ontwikkeling. Als de zorg daadwerkelijk zou toevoegen, er daadwerkelijk een grote vraag zou zijn en ziekenhuizen hier uit winstbejag op zouden inhaken, dan had ik persoonlijk meer huilpoli’s verwacht in zes jaar tijd. Dan waren ze als paddenstoelen uit de grond geschoten.
Als de wijnzak minder nieuw is, is de inhoud dan wel ververst? Het lijkt erop dat de wijn over de houdbaarheiddatum heen gaat. In het artikel wordt namelijk beschreven hoe huilbaby’s tot rust worden gebracht: laten huilen. Dat is een herhaling van het huilbeleid uit de oude richtlijn, een herhaling van de aanpak van Consulatiebureaus. Dan hebben tegenstanders toch gelijk.
‘Opname is bedoeld om de vicieuze cirkel te doorbreken. De meeste baby’s vallen acuut in slaap zodra ze zijn opgenomen. Ouders mogen twee keer per dag op bezoek komen. In die week wordt het kind in een voed- en slaapritme gebracht, met behulp van een voed- en slaapschema. We laten kinderen tien minuten huilen, troosten ze in bed en gaan dan weer.’
Een passage uit het artikel in de Volkskrant, waar ik pijn van krijg in mijn hart. Het is een achterhaalde aanpak, zowel rationeel als emotioneel. Want nieuwe inzichten in het slaapgedrag bij baby’s laten een ander beeld zien. En de emotionele ontwikkeling, elke vorm van gevoel, ontbreekt. Alsof baby’s kleine machines zijn. Natuurlijk vallen baby’s acuut in slaap als ze zijn opgenomen. Ze worden in een complete vreemde omgeving neergelegd, geen ouders in de buurt. Geheel onder de indruk, in een omgeving waarin alles wat ze kennen en waar geborgenheid in vinden afwezig is. Ze huilen, er komt niemand, en vallen dan van uitputting in slaap. Ze geven het op. Het resultaat van dit beleid is een baby wat heeft geleerd dat huilen geen zin heeft. Of op deze wijze een goede hechting plaatsvindt is de vraag. Dit zijn precies de punten die tegenstanders van de Richtlijn Excessief huilen tijden geleden al opperden en mede reden zijn geweest om de Richtlijn niet in te voeren en in 2011 aan te passen. Waarom, waarom wordt het dan nu gebruikt op de poli’s? Ouders mogen twee keer per dag op bezoek komen. Dat is barbaars. Voor het kind, wat ineens zijn verzorgers niet meer ziet en in vreemde handen zijn troost moet vinden (als ze komen). Voor de ouders, wie na weken van intensieve zorg en zorgen ineens het kind moeten afgeven.
Baby’s worden in een regelmaat gebracht met een voed- en slaapschema. Jeetje, dat is echt uit de vorige eeuw. Moeders worden gebombardeerd met het vraag-aanbodprincipe. Dan komen ze in een ziekenhuis en daar worden dan schema’s gevolgd? Baby moet wachten, want het is nog geen tijd voor een voeding? Het mag nog niet slapen want dan klopt het gemiddelde niet? Zo jong en nu al targets te halen. Slapen is een natuurlijk proces, waarbij hormonen de hoofdrol spelen. Hoewel natuurlijk, moet het ook worden geleerd. Dat is een kwestie van gewoonte: als baby gewend is slaapjes te doen, dan zal het op die tijden ook moe worden. Het volgen van een regelmaat is dus goed. Echter niet de schema’s, maar baby is daarin leidend: zijn slaapsignalen geven aan dat hij moe is. De taak van de verzorger is dan om dit op te pakken en ernaar te handelen. Een baby kan moe zijn na een uur wakker te zijn geweest, terwijl een andere baby het anderhalf uur prima volhoudt. Dat wil niet zeggen dat alle baby’s anderhalf uur wakker moeten zijn. Het risico is dan dat de baby die na een uur wil slapen, na anderhalf uur super alert is geworden. Als namelijk de ‘window of opportunity’ wordt gemist, gaan weer andere hormonen aan het werk. Het lijfje gaat in overlevingsdrang. Het is dan fysiek onmogelijk voor baby om te gaan slapen, met huilen en verzet tot gevolg. Als baby’s in en schema worden geforceerd loop je dit risico. Door dit verzet en het laten huilen voeg je daar nog een onzekere hechting aan toe. Baby wordt bang om te gaan slapen en zal zich nog meer verzetten. Ik vraag me echt af of je hiermee zowel baby als ouders daadwerkelijk helpt.
Een paar fragementen
‘….klinkt radeloos gekrijs. Toch maar even oppakken. Omdat hij er nog maar een dag is, zijn ze niet zo strikt.’
Als je voor een aanpak gaat, ga er dan ook helemaal voor. Er zijn namelijk ook voorstanders van het laten huilen. Maar wees dan wel consequent. Nu krijgt de baby de eerste dag het signaal dat het wel wordt getroost, de volgende dag wordt het aan zijn lot overgelaten gedurende die tien minuten.
Een pittig kind, net als de meeste baby’s hier. Veel van hen hebben zo’n felle blik.’
Die felle blik is pure boosheid. Ze gillen het uit, willen gehoord en getroost worden. Stel je voor, je zit met pijn op de Eerste hulp. Je roept en schreeuwt om hulp. Niemand komt. Na tien minuten word je opgepakt en stevig vastgehouden. Ga jij dan liefdevol en rustig naar die persoon kijken?
Tussen twee uithalen door laat het jongetje een flinke wind. Zie je, toch last van zijn buikje constateert de verpleegkundige’
Baby’s krijgen het meeste lucht binnen door huilen. Als baby huilt en niet wordt getroost, is er dus veel lucht. Als baby dan na 10 minuten huilen wordt getroost en een scheet laat, wat is dan de oorzaak? Ik denk niet dat deze baby aan het huilen was om zijn buikje. Ik denk wel dat hij door het huilen last kreeg van krampjes. Ik vind het ongelofelijk dat en verpleegkundige deze opmerking maakt.
Kijk, het is normaal dat een kind spuugt de eerste drie maanden. Wanneer noem je dat reflux? Bovendien is het een kip-eivraag: is de reflux de oorzaak van het huilen of andersom?
Baby’s geven inderdaad mondjes terug. Dat zijn kleine beetjes maaginhoud, vaak teruggegeven na de voeding. Spugen is heel wat anders. Daarom heeft het ook een andere naam. Baby’s met reflux hebben dat spugen soms tot kunst verheven. Ze spugen veel, ook tijdens de voeding en lang daarna, en dat gaat in een grote boog. Dat is geen mondje terug, dat is een projectiel straal waarmee ze mening wedstrijd ver-spugen kunnen winnen. Wanneer we dat reflux noemen? Nou, als baby huilt, pijn heeft, slecht drinkt en enorm spuugt. Wanneer het kortom afwijkt van normaal. Bovendien: niet alle baby’s met reflux spugen. Heel veel refluxbaby’s spugen niet. Hebben daardoor des te meer last van het zuur, wat brandt in hun slokdarm. Toegegeven: als baby’s excessief huilen, geeft dat een druk op de maag. Hierdoor kan er reflux ontstaan. Maar dan heeft de baby voordat het huilde geen last van spugen, ook geen pijn. Weer een pleidooi om je uk dus niet langdurig te laten huilen. Reflux is erfelijk. Refluxbaby’s die medicatie krijgen hebben ook nog last van hun reflux. Het is de vraag of dit een kip-eivraag is, het bagatelliseert nogal de impact en ernst van reflux bij baby’s (en hun ouders).
Tegenstrijdige adviezen
Marianne Spanjerberg, pedagogisch medewerker op de huilpoli, zegt in het artikel: ’Ouders proberen het eerst zelf op te lossen. Daar gaat het vaak mis. Ze krijgen tegenstrijdige adviezen van hun omgeving. Gevolg is dat ouders nog onzekerder worden en het kind verder ontregeld raakt. Komen ze dan bij ons, dan zeggen wij allemaal hetzelfde: rust en regelmaat. Heel antiek, maar het werkt.’
De grap is dat in deze uitspraak de onzekerheid van de ouders alleen maar wordt aangewakkerd. Er wordt eigenlijk geïnsinueerd dat ouders het niet kunnen niet weten, zo dom zijn zich te baseren op adviezen van anderen. Dat er maar een juist advies is: die van de huilpoli. Terwijl juist die huilpoli een beleid heeft wat niet past in deze tijd. Welk advies is dan tegenstrijdig? Ik denk dat ouders heel goed in staat zijn het kaf van het koren te scheiden. Ouders van refluxbaby’s, die soms keer op keer niet worden geholpen, zijn namelijk bijna altijd in staat zelf te achterhalen dat het reflux is en komen uiteindelijk op het juiste adres uit, krijgen hulp. Rust en regelmaat is geen wondermiddel. Het is een way of life, wat kan helpen overprikkelde baby’s rustiger te maken. Het is geen oplossing voor alles. Als baby’s veel huilen, kan dat veel oorzaken hebben. Een van die oorzaken is overprikkeling en oververmoeidheid. Het medicijn daartegen is inderdaad rust en regelmaat. Maar baby’s die huilen vanwege krampjes, een allergie, het Kiss-syndroom, reflux….die zullen echt niet rustiger worden door een consistent ritme. Daar is eerst wat anders nodig. Zie voor meer hierover ook mijn Model Onrustige Baby.
Terug naar de uitspraak: ouders proberen het zelf op te lossen, baby raakt verder ontregeld. Is dit de schuld van de ouders? Ik denk en ervaar dagelijks dat ouders wel degelijk aan de bel trekken, hulp zoeken, Consultatiebureaus bellen, huisartsen bezoeken. Regelmatig krijgen ze nul op het request, maar doordat ze erg goede ouders zijn geven ze het niet op. Als de zorg de huilbaby nu eens serieus zou nemen en ook regelmaat niet zou zien als oplossing voor alle onrust, dan zou bij de eerste hulpvraag ook daadwerkelijk hulp komen. Dan vervalt een baby niet in ernstige ontregeling. Raken de ouders niet moedeloos, oververmoeid en overspannen. Is een baby binnen een paar weken weer op de rit en een gezin gered van de afgrond voordat ze überhaupt aan de rand stonden.
Zoals de moeder in het Volkskrantartikel zelf al tegen de kinderarts zei: ‘Wat is er met Maaike aan de hand? Anders hoeft ze toch niet 24 uur per dag te huilen?’ Deze moeder heeft het bij het juiste eind. Zij is degene die deze vraag aan de kinderarts stelt. Bij mij komt dan de vraag op: Waar gaat het nu mis? Wie maakt de ouders onzeker? Welke adviezen zijn nu tegenstrijdig? In hoeverre helpen de adviezen van de huilpoli nu echt en in hoeverre maken ze alleen maar ouders onzeker?
Ik focus graag op het positieve. Huilpoli’s zijn in mijn mening een goede aanvulling op de zorg voor huilbaby’s. Maar dan moet het wel aanvullend zijn en gestoeld op principes van deze tijd, gevoed door actuele kennis. Het oog moet altijd op het kind gericht zijn. Er mag (meer) liefde en geborgenheid in. Een baby is en klein mensje, wat heel veel liefde en rust nodig heeft om te bloeien. Strakke schema’s en laten huilen passen daar niet bij, wat terecht ook in de reacties van ‘zachtere’ zorgverleners en Borstvoeding.com wordt genoemd. Maar met alleen een zachte benadering kom je er ook niet. Baby’s huilen namelijk niet alleen omdat er te weinig rust is of te weinig liefde. Soms is hun wereld jachtig en is er te weinig rust, soms is er echter een fysieke oorzaak zijn voor de onrust, soms gaat de borstvoeding niet vlekkeloos. En soms is er geen fysieke oorzaak, is hun wereldje rustig, is de voeding prima en zijn de ouders ‘Zen’ en is de baby toch nog onrustig. Het wordt tijd dat ‘zacht’ en ‘hard’ gaan samenwerken. De wereld van de huilbaby is niet zwart-wit. Een baby heeft en rust en liefde en geborgenheid en goede zorg nodig. Bovendien ondersteunt het een de ander: Een baby met pijn zal de pijn minder heftig ervaren als er troost en liefde is. Is de oorzaak fysiek, dan zal baby sneller herstellen als er liefdevolle ouders zijn.
Zou het niet mooi zijn als er huilpoli’s waren waar je meteen terecht kunt om je baby te laten bekijken? Waar gekeken wordt naar fysieke afwijkingen, maar ook naar zachtere omstandigheden? Waar een advies niet alleen bestaat uit een strak regelmaat, maar ook uit geborgenheid, hoe je je baby goed kunt laten hechten en meer van dit soort zaken? Waar ouders steun krijgen in plaats van onzekerheid? Zolang reguliere zorg en alternatieve zorg naast elkaar bestaan en niet de handen in een slaan, is dit een Utopia. Wat zou het een mooie wereld zijn als we samenwerken in plaats van tegenwerken. Het gaat toch om de baby? Kom op! Durf te veranderen en durf ook de zachtere kant zijn werk te laten doen.